Ouders zoeken meestal om twee redenen naar een IQ-test voor hun kind: het loopt vast op school, of het lijkt juist veel meer aan te kunnen. In beide gevallen is een goed intelligentieonderzoek waardevol, en in beide gevallen is een online test er geen vervanging voor. Dit is wat je moet weten.
Laatst bijgewerkt op 4 september 2026 · Team IQ-EXAMS.COM
Puur uit nieuwsgierigheid een kind laten testen raden de meeste psychologen af: een getal kan verwachtingen scheppen die het kind niet helpen.
| Test | Leeftijd | Waarvoor |
|---|---|---|
| WPPSI-IV-NL | 2½ – 7 jaar | Jonge kinderen; de kleuterversie van de Wechsler-tests |
| WISC-V-NL | 6 – 16 jaar | De meest gebruikte test op de basisschool en in het voortgezet onderwijs; geeft een totaal-IQ en vijf indexscores |
| RAKIT-2 | 4 – 12 jaar | Nederlandse test, vaak gebruikt bij jonge kinderen en bij vragen over leerproblemen |
| SON-R | 2 – 8 en 6 – 40 jaar | Non-verbaal; geschikt voor kinderen met taal-, spraak- of gehoorproblemen en voor anderstaligen |
| IDS-2 | 5 – 20 jaar | Brede ontwikkelingstest met intelligentie én schoolse vaardigheden en executieve functies |
| NIO | groep 7–8, klas 1–3 | Groepsgewijze capaciteitentest voor het onderwijsniveau, geen individueel IQ-onderzoek |
De doorstroomtoets in groep 8 (voorheen de Cito-eindtoets) is geen intelligentietest: die meet wat een kind heeft geleerd, niet wat het aankan.
Een intelligentieonderzoek duurt bij een kind meestal een dagdeel en wordt individueel afgenomen door een orthopedagoog of psycholoog. De test bestaat uit een reeks korte onderdelen: patronen naleggen met blokken, woordbetekenissen, cijferreeksen onthouden, plaatjes ordenen, zo snel mogelijk symbolen zoeken. Het kind ervaart het als een reeks spelletjes; de onderzoeker let ondertussen op werkhouding, concentratie en hoe het kind omgaat met dingen die niet lukken.
De uitslag bestaat uit een totaal-IQ en scores per onderdeel, met een betrouwbaarheidsinterval. Een goed rapport besteedt meer aandacht aan het profiel (waar is het kind sterk, waar minder) en aan de observaties dan aan het totaalcijfer, en vertaalt de uitkomst naar concrete adviezen voor school en thuis.
Bij kinderen zijn IQ-scores minder stabiel dan bij volwassenen: hoe jonger het kind, hoe groter de kans dat een hertest na een paar jaar een ander getal geeft. Een score op vijfjarige leeftijd is een momentopname; een score op twaalfjarige leeftijd voorspelt al beter. Daarom hechten psychologen waarde aan de combinatie van test, observatie en schoolgegevens, en niet aan het getal alleen. Voor de betekenis van de schaal zelf, zie de IQ-score uitleg.
Een particulier intelligentieonderzoek bij een vrijgevestigde praktijk kost in Nederland doorgaans enkele honderden euro's, afhankelijk van de omvang (alleen intelligentie, of ook aandacht, geheugen en schoolse vaardigheden) en van het verslag. Loopt de vraag via school en het samenwerkingsverband, dan zijn er voor ouders vaak geen kosten. Bij een medische of psychiatrische vraagstelling kan onderzoek onder de jeugdzorg vallen, via de gemeente.
Online IQ-tests, ook die op deze site, zijn genormeerd op jongeren vanaf ongeveer zestien jaar en volwassenen. De opgaven, de instructies en de normen passen niet bij een kind van acht; een score zegt dan niets. Bovendien mist een online test precies wat bij kinderen het belangrijkste is: de observatie van een ervaren onderzoeker. Wil je als ouder zelf een indruk krijgen van hoe zo'n test werkt, doe dan gerust de gratis IQ-test voor jezelf; laat het onderzoek van je kind over aan school of een orthopedagoog.
Vanaf ongeveer tweeënhalf jaar bestaan er tests (WPPSI), maar de uitslag is op die leeftijd nog weinig voorspellend. De meeste onderzoeken vinden plaats vanaf zes jaar, vaak rond groep 5 tot 8, wanneer school- of ontwikkelingsvragen concreet worden.
Nee. Een school kan een onderzoek adviseren en via het samenwerkingsverband aanvragen, maar ouders geven toestemming. Ouders kunnen ook zelf, buiten school om, een onderzoek laten doen.
De NIO is een groepstest die het passende onderwijsniveau inschat en wordt op school klassikaal afgenomen. Een individueel intelligentieonderzoek (zoals de WISC-V) is uitgebreider, wordt één-op-één afgenomen en geeft een profiel per vaardigheid.